Vrijdag 26 Mei

Taal

Vandaag dan de beloofde update over de taal. Het is in vergelijking met het Nederlands en Engels best een merkwaardige taal en daarom misschien wat moeilijk om te leren. Sommige dingen zijn makkelijker in het Japans (woordvolgorde maakt niet zo uit, een vraag is een statement met een toevoeging "ka"), sommige zaken zijn moeilijker (tellen) en sommige zaken zijn net zo onhandig (sterke werkwoorden versus groepen voor verschillende verbuigingen).

Wat ik zelf nog een grappig iets vond is dat ze hier "mae" gebruiken als "voor" in de zin van plaats en in de zin van tijd (voor het station en 2 voor 12). In het Engels gebruiken ze "in front of" en "before". Dus ik vroeg me af wat eigenlijk "logisch" was. Waarom in 2 heel apart geevolueerde talen dit zelfde systeem zijn ontstaan, terwijl in twee veel nauwer verbonden talen hierin een verschil zit? Daar kon ik zo geen antwoord op vinden, waardoor maar weer blijkt dat eigenlijk iedere taal "raar" is.

Karakterschriften

Het Japans kent 3 karakterschriften en daarnaast (inmiddels) ook ons romaanse schrift. Dit "gewone" schrift wordt wel gebruikt voor namen van winkels en produkten en voor afkortingen als CD, DVD, PC, JR (Japan Rail). De karakterschriften zijn:
  • Hiragana - wordt vooral gebruikt voor postposities (zie verderop), uitgangen van werkwoorden en bijvoeglijke naamwoorden en om aan te geven hoe een kanji uitgesproken wordt
  • Katakana - wordt gebruikt voor alle namen woorden van buitenlandse (meestal engelse) origine
  • Kanji - Chinese karakters, zijn meestal werkwoorden of zelfstandige naamwoorden. Een woord bestaat echter vaak uit meerdere kanji en veel kanji zijn samengesteld uit meerdere kleine kanji.

HIRAGANA
  a i u e o
-
k
s
t
n
h
m
y    
r
w      
Lange klank +あ +い +う +い +う

n = ん
Dubbele letter: っ+
KATAKANA
  a i u e o
-
k
s
t
n
h
m
y    
r
w      

n = ン
Lange klank: +ー
Dubbele letter: ッ+

Kana

De hiragana en katakana karakters worden ook wel kana genoemd. De kana representeren klanken van een medeklinker gevolgd door een klinker of alleen de klinker. Alleen de n is een uitzondering, dit is de enige medeklinker die los geschreven kan worden. Bovenstaande tabellen geven de bestaande combinaties weer. Uitzonderlijke uitspraken zijn si (shi), ti (chi), tu (tsu), hu (fu) en wo (o).

Verder zijn er een paar extra’s door E(of  º voor h-p)  toe te voegen:
  • k - g: がぎぐげご
  • s - z: ざじずぜぞ
  • t - d: だぢづでど
  • h - b: ばびぶべぼ
  • h - p: ぱぴぷぺぽ
Voor de katakana werkt dat hetzelfde. Dan zijn er nog samestellingen met de ya, yu en yo die dan klein worden geschreven. Deze samenstellingen gaan altijd uit van de –i klank van de medeklinker zoals kya = きゃ, shu = しゅ en cho = ちょ.

Alle klanken zijn in principe kort (zoals de ko in koffie en niet zoals in koken) maar kunnen lang gemaakt worden door een “lange klank karakterEtoe te voegen (student = gakusee/gakusei = がくせい). Dubbele letters kennen ze ook (postzegel = kitte), dat wordt bewerkstelligd met de kleine tsu (きって). Dit laatste verschil in uitspraak is echt een fijne nuance en vaak nauwelijks hoorbaar voor een ongetraind oor als het mijne.

Kanji

De kanji zijn zoals gezegd de meer gecompliceerde karakters. In de krant worden 2000-3000 kanji gebruikt, maar er zijn er heel veel meer. De kanji zijn dezelfde als de ouderwetse Chinese tekens (China heeft inmiddels een versimpeld schrift), maar de uitspraak is wel anders. Voor sommige zaken worden in Japan trouwens beide uitspraken gebruikt, afhankelijk van de context. Persoon = 人 = hito (japans) of jin (chinees). Man = 男の人 = otokonohito (lett. Mannelijk persoon) en Nederlander = オランダ人 = orandajin (lett: Nederland persoon). Beide woorden zijn trouwens een samenstelling van karakterschriften: de eerste is kanji-hiragana-kanji (waarin de hiragana “noEde eigenschap “mannelijkEaan “persoonEkoppelt) en de tweede is katakana-kanji (landnamen worden in katakana geschreven, op “JapanE “ChinaEen “KoreaEna). De kanji voor mannelijk is trouwens ook nog eens samengesteld uit het vierkantje met het plusje (stelt een rijstveld voor, betekent ook groot, veel) en iets dat lijkt op de katakana “kaEeronder (stelt een gespierde arm voor, betekent kracht).

Grammatica

Woordvolgorde

Het Japans kent geen vaste woordvolgorde. Alleen van het werkwoord staat vast dat het aan het einde van de zin moet komen. Alle andere zaken zoals wat het onderwerp van de zin is en wat het leidend voorwerp is wordt bepaald door postposities:
  • を (o) Eleidend voorwerp
  • は (wa) Eonderwerp (karakter is ha, maar in dit gebruik uitgesproken als wa)
  • の (no) Egeeft bezittelijkheid aan
  • に (ni) Emeewerkend voorwerp
  • で (de) Ebepaling van plaats (waar iets plaatsvindt)
  • へ/に (e/ni) E bepaling van plaats (waar iets naartoe beweeg)
“Ik eet vis in het restaurantEwordt dus “ik-wa restaurant-de vis-o eetEoftewel “watashi wa resutoran de sakana o tabemasuE oftewel E#12431;たしわレストランでさかなをたべます。EWant ze doen hier ook nog eens niet aan spaties, dat is toch maar zonde van de ruimte moeten ze gedacht hebben. “RestaurantEwordt trouwens weer in katakana geschreven. Van deze zin kan ook weer een heel stuk in kanji gezet worden, maar dat heb ik nog niet geleerd ;-) Omdat de postposities de structuur van de zin aangeven kan je de boel dus ook door elkaar gooien: “resutoran de sakana o watashi wa tabemasuEbetekent nog steeds hetzelfde en niet (bijvoorbeeld) dat de vis mij eet. De eerstgenoemde volgorde is trouwens wel de meest gebruikelijke.

Zinnen kunnen vragend gemaakt worden door er “kaE achter te poten. Je hoeft dus niet de woordvolgorde om te gooien zoals in de meeste westerse talen. Regelmatig worden trouwens delen weggelaten omdat het wel uit de context blijkt. Als ik jou dus vraag of je gisteren vis gegeten hebt is het duidelijk dat jij het onderwerp bent, dus kan ik dat weglaten en zeg ik “sakana o tabemashita ka.Eoftewel “vis at?E(voltooide tijd wordt normaal niet gebruikt, als die al bestaat). Je kan vervolgens antwoorden “hai, tabemashitaE oftewel “ja, atE want dat het over vis ging was nog wel duidelijk, dus dat kan je ook weglaten.

Werkwoorden

Het verbuigen van werkwoorden in het Japans is een verhaal apart. Ten eerste heb je allerlei beleefdheids vormen (7 naar ik me heb laten vertellen) maar over het algemeen worden er maar 2 gebruikt. Dan wordt de tijd mee vervoegd (aan toekomstige tijd doen ze niet) en eventuele ontkenning wordt ook meegenomen. Gelukkig maakt het dan weer niet uit of je het over ik, jij, wij of zij hebt en aan mannelijke/vrouwelijke woorden doen ze trouwens ook niet. Al met al zijn er dus 8 combinaties.

Misschien moet ik eerst vertellen dat alle werkwoorden op een u klank eindigen. Alle bijvoegelijke naamwoorden eindigen trouwens om –i of –na en kunnen met een schema dat lijkt op dat voor de werkwoorden vervoegd worden. Toen hebben ze voor de werkwoorden dus een heel schema zitten bedenken:
Groepeindigt opveranderend deel
Groep 3-suru
-kuru
-uru
Groep 2-iru
-eru
-ru
Groep 1rest-u
en daarbij natuurlijk de uitzondering dat sommige –iru en –eru woorden toch in groep 1 zitten :-(. 
NormaalBeleefd
PosNegPosNeg
Hedenhele ww-inai-imasu-imasen
Verleden-ta -inakatta-imashita -imasendeshita
voor de –ta form hebben ze vervolgens bedacht dat het wel leuk zou zijn om nog wat meer groepen te maken, dus wordt groep 1 opgesplitst in
... verandert innieuwe uitgang
-ku-ita
-gu-ida
-su-shita
-mu, -fu, -nu-nda
-u, -tsu, -ru-tta
o ja, en voor groep 3 wordt de –uru dus –ita. Nou, als je het niet meer volgt weet je dus wat ik vorige week voelde. Het begint inmiddels wel redelijk te wennen.

Dan heb je nog allerlei stukjes die je achter de normale vorm kan plakken om bijvoorbeeld aan te geven dat je echt geEteresseerd bent of als je een verklaring geeft (+ndesu), als je het niet zeker weet (+to omoimasu) etc. etc.

Tellen

Je ziet hier meestal gewoon de Arabische cijfers (1,2,3), maar soms worden de kanji gebruikt (vooral voor prijzen in traditionele(re) restaurants e.d.) De getallen in het Japans zijn als volgt:
getal kanji uitspraak
1 ichi
2 ni
3 san
4 yon / shi
5 go
6 roku
7 nana / shichi
8 roku
9 kyuu / ku
10 zyuu
10
zyuuichi
100 haku
1000 sen
10000 一万ichiman
Dat is opzich nog te volgen, behalve dat het natuurlijk idioot is om voor 3 cijfers een dubbele naam te hebben (Japanse en Chinese uitspraak van de kanji). Wel grappig dat ze dus een apart woord voor 10.000 hebben, of eigenlijk: raar dat wij dat niet hebben.

De ellende begint alleen als ze iets gaan tellen. Voor van alles hebben ze namelijk aparte telwoorden bedacht. Voor mensen, voor dieren, voor planten, voor dunne dingen, voor lang dingen, voor verdiepingen, voor planken of laden in een kast, verzin het maar.

Dunne dingen (velletjes papier, postzegels, geld) tellen is dan nog makkelijk, achter het getal zet je “maeE Prima. Maar dan mensen tellen, dat gaat weer anders: hitori, futari en vervolgens alle getallen met “ninEerachter... even wennen, maar het is te doen. Dan dingen tellen... hitotsu, futatsu (tot zo ver vergelijkbaar met mensen tellen, maar dan...) mittsu, yottsu, itsutsu... tot en met 10 onregelmatig. Dan heb ik het nog niet over uren (waar je af en toe een paar letters weg laat vallen) en al helemaal niet over kalender-dagen: tot 10 is het zo onregelmatig dat je er niets meer van de getal-woorden in terug vindt en dan zijn de 14e, 20e en 24e van elke maand ook nog onregelmatig! Waarom!?!



Nou tot zo ver deze cursus Japans voor beginners. Jullie zullen begrijpen dat ik me hier nog wel even mee vermaak, en dit is natuurlijk nog maar het topje van de ijsberg.

Jorg